
Na haar avontuur in ‘Winter Vol Liefde’ heeft Pearl haar leven inmiddels verdeeld over Zweden, België en Suriname. In haar nieuwe column vertelt ze over het moederschap op afstand, het gemis van haar kinderen en hoe ze samen met Robin zoekt naar een nieuw evenwicht in hun gezinsleven.
“Mijn oudste zoon woont in Suriname en dat vind ik echt moeilijk”
Lieve lezers,
Ik ben niet zo’n overdreven verzorgende moeder. Ik ren niet de hele dag met een stofdoek achter mijn kinderen aan en ik sta ook niet continu klaar met een versgebakken cake. Maar één ding is voor mij wel het allerbelangrijkste: dat mijn kinderen kansen krijgen om een goed leven te hebben.
Ik ben heel gehecht aan mijn kinderen. Misschien niet op de manier dat ik ze elke dag moet zien of spreken, maar ik wil wel weten dat het goed met ze gaat. We appen elkaar, sturen grappige filmpjes en bellen gewoon op gevoel. Soms veel, soms even niet. Dat is voor ons helemaal prima.
Op dit moment is mijn leven eigenlijk verdeeld over drie landen. Mijn oudste zoon woont in Suriname en dat vind ik echt moeilijk. Hij is negentien jaar en ik vind dat eigenlijk veel te jong om zo ver bij mij vandaan te zijn. Ik ben nu ook samen met Robin aan het kijken of het mogelijk is dat hij hierheen komt. Ik wil gewoon dat al mijn kinderen dezelfde kansen krijgen. Een soort ‘fair moeder’ ben ik eigenlijk, haha.

Ver weg
Toen ik zelf in Suriname woonde, kon ik nog veel heen en weer naar Europa voor werk. Maar nu is dat anders en daardoor voelt het soms extra ver weg. En ja, het is gewoon lang wachten tot je je kind weer kunt knuffelen. Dat is precies wat ik het moeilijkst vind. Hij is ook echt zo’n kind dat zijn moeder nodig heeft, dat zit gewoon in zijn karakter.
Mijn jongste zoon woont nu bij ons in Zweden en dat is heel fijn, maar ook even wennen. Voor ons alle drie eigenlijk. We moeten echt nog zoeken hoe we het met elkaar gezellig en leefbaar maken. Dus we praten veel, passen ons aan en zijn veel aan het uitproberen.
Mijn zoon zou eigenlijk bij Robin gaan werken, maar dat gaat door omstandigheden bij zijn werk niet door. Dus nu zit mijn zoon op een Zweedse middelbare school, dit is een gymnasium speciaal voor immigranten. Hij leert meteen Zweeds en dat gaat verrassend goed. Hij is net begonnen, maar hij vindt het leuk en maakt al vrienden. En hij krijgt al complimenten over zijn uitspraak.

‘Moet je dat wel doen?’
Mijn dochter woont in België. Toen ze hoorde dat ik mee zou doen aan Winter Vol Liefde, zei ze eerst: ‘Oh my god mama, moet je dat wel doen?’ Maar ze draaide gelukkig snel bij. Uiteindelijk zeiden mijn zoons ook: ‘Eigenlijk verbaast het ons niks, je hebt veel te lang niks geks gedaan.’ En ergens klopt dat ook wel, ik was misschien iets te braaf geworden.
Over mijn huwelijk en de verhuizing naar Zweden waren ze allemaal vrij neutraal. Ze laten me mijn eigen keuzes maken en dat is fijn. Met kerst had ik het wel even moeilijk. Dan mis je iedereen extra: mijn ouders, mijn overige familie, mijn vrienden, de kinderen. Normaal waren we altijd allemaal samen met kerst. Dat is echt zo’n traditie die je dan ineens niet meer hebt.
